Schriftelijke vraag van Ellen Marien, aan de Heer Johan Felix, Voorzitter Districtscollege Hoboken betreffende aangifte van vernietigde of verloren identiteitskaarten

Volgens artikel 6
van het KB van 25 maart 2003 betreffende de identiteitskaarten moet men bij
verlies, diefstal of vernietiging van de identiteitskaart, aangifte doen bij
het gemeentebestuur van de hoofdverblijfplaats of bij het dichtstbijzijnde
politiekantoor. Ik kan begrijpen dat wanneer het over diefstal gaat men
aangifte doet bij de politie. Maar bij verlies of vernietiging moet dit ook
kunnen bij het gemeentebestuur. In concreto concludeer ik dan dat zulks bij de
dienst bevolking van de respectievelijke districten moet gebeuren.

Ik stel echter
vast dat men personen die in dat geval verkeren in het districtshuis van
Hoboken eerst doorverwijst naar de politie. Gelet op mijn interpretatie van
voornoemd KB lijkt me dat een overbodige verplaatsing en dus niet onmiddellijk
klantvriendelijk.

 

 

Vandaar mijn vragen aan de voorzitter:

 

         
Is
het doorverwijzen naar de politie bij verlies van een identiteitskaart courante
praktijk? Zo ja, wat is hiervan de reden?

         
Is
een dergelijke verwijzing naar de politie een correct toepassen van het
voornoemd KB vermits volgens het KB een aangifte bij het gemeentebestuur
blijkbaar mogelijk is?

         
Is
de voorzitter niet van oordeel dat het beter of klantvriendelijker is om in
geval van verlies of vernietiging van een identiteitskaart terecht te kunnen in
de districtshuizen, zeker als mensen zich daar eerst aanmelden? Zo neen, waarom
niet?

         
Acht
de voorzitter het wenselijk om de administratie van het district er op te
wijzen dat ze een aangifte van een verloren identiteitskaart te aanvaarden en
de personen niet door te wijzen naar de politie? Zijn er stappen noodzakelijk
inzake de uitvoering van voornoemd KB? Zo ja, welke?

Ellen Mariën
Districtsraadslid

Misschien bent u ook geïnteresseerd in ...