Afdeling
H O B O K E N

Persberichten

De oliesjeiks in de Belgische regering

18 juni 2008

Wie wordt er rijk van de stijgende olieprijzen? De ayatollahs in Iran? De oliesjeiks? De Russen? Hugo Chavez van Venezuela? Het zijn allemaal juiste antwoorden. Maar één profiteur wordt steevast vergeten: de Belgische regering.

De olieprijzen zijn de voorbije jaren spectaculair gestegen. Het voorbije jaar zijn ze zelfs verdubbeld. Dat heeft meerdere oorzaken, zoals de toenemende olieconsumptie van nieuwe industrielanden als India en vooral China.

De Belgische regering is in geen enkel opzicht verantwoordelijk voor die ontwikkelingen. Zelfs de bekwaamste en subtielste minister van Buitenlandse Zaken zou daar geen invloed op hebben.

Maar België is wèl verantwoordelijk voor de hoge prijzen die wij aan de pomp moeten betalen.

De “ruwe” prijs voor benzine bedraagt immers slechts 34% van de totale prijs aan de pomp. Meer dan 56% bestaat uit taksen. De rest gaat naar distributiekosten en de winstmarges van verkopers en leveranciers.

Op de internationale markt betaalt iedereen ongeveer evenveel voor ruwe olie. De verschillen in de prijzen voor de verbruikers worden bijna volledig veroorzaak door belastingen.

Zo betaalt een Amerikaan omgerekend slechts 0,62 euro, een Let 1,07 euro en een Griek 1,23 euro voor een liter superbenzine. Maar een onderdaan van het onzalige koninkrijk België moet maar liefst 1,58 euro neertellen!

De overheid profiteert schaamteloos van de hogere brandstofprijzen. De recente stijgingen van de olieprijs hebben ertoe geleid dat wij voor een tank van 50 liter superbenzine 9,5 euro méér belastingen betalen dan vroeger.

Voor een diesel is dat 7,5 euro. Voor huisbrandolie is dat nog schrijnender: daar haalt de overheid dank zij de prijsstijgingen drie keer meer taksen binnen dan in het referentiejaar 2002-2003.

Voor een normale tank van 3000 liter stookolie betaalt men dus 360 euro extra belastingen. En we herhalen het: dit zijn niet de totale belastingen, maar alleen de extra belastingen.

Vooral voor huisbrandolie is dat bijzonder pijnlijk: de meeste mensen kunnen wel bezuinigen op reizen, maar als het om verwarming gaat hebben ze veel minder speelruimte.

En voor de bedrijven zijn die hoge brandstofprijzen natuurlijk ook een rem op de economische activiteit.

Volgens de richtlijnen van de EU worden aardgas, elektriciteit, huisbrandolie, diesel en benzine belast aan het hoogste BTW-tarief. Maar verschillende landen hebben voor gas en elektriciteit al een uitzondering gevraagd én gekregen.

In Italië heft men daarop slechts 10% BTW, in Griekenland 9%, in Luxemburg 6% en in Portugal 5%. Maar in België houdt de regering vast aan het supertarief van 21%. Alsof gas en elektriciteit luxeproducten zijn...







Wil u ook een webstek als deze voor uw afdeling, district, koepel of regio?